Land- en tuinbouw: Tussenkomst van werkgever in het onderhoud van werkkledij

In de land- en tuinbouw ( inclusief tuinaanleg) is er een collectieve arbeidsovereenkomst afgesloten die bepaalt onder welke voorwaarden er op ondernemingsvlak kan worden afgesproken dat de werknemers zelf instaan voor het onderhoud van hun werkkledij. Wanneer er in dit verband afspraken gemaakt worden tussen de werkgever en de werknemers, betaalt de werkgever een vergoeding als compensatie voor de kosten die de werknemer in dit verband maakt .

Op vandaag bedraagt die tussenkomst in de bloemisterij, de groenteteelt en de tuinaanleg : 3,05 euro per week. In de fruitteelt bedraagt de tussenkomst 3,67euro /week . in de boomkwekerij is de vergoeding 3,91 euro/week.

Met ingang van 1/2/2020 verhogen de bedragen van 3,05 euro naar 3,67 euro/week.

Met ingang van 1/12/2020 wordt de tussenkomst van 3,67 euro/week gebracht op 3,91 euro/week .

Verhoging lonen met 1,1% in de land en tuinbouw.

Met ingang  van 1 juli 2019 werden de minimumlonen en alle effectief toegepaste lonen verhoogd met 1,1%. Deze verhoging geldt zowel voor de vaste werknemers als voor het seizoen – en gelegenheidspersoneel.

Op de gepubliceerde minimumbarema’s  geldt er voor de landbouw en de tuinbouw een anciënniteitstoeslag  van 0,5% per schijf van vijf jaar. Op vandaag geldt deze anciënniteitsverhoging tot en met een anciënniteit van  30 jaar. Er wordt afgesproken om een bijkomende schijf van 35 jaar en 40 jaar toe te voegen. In de landbouw en in de  tuinaanleg geldt op vandaag een anciënniteitstoeslag van 0,5% per schijf van 5 jaar anciënniteit en dit tot en met 20 jaar. Er wordt afgesproken om ook voor de landbouw en de tuinaanleg met ingang van 1 juli 2019 bijkomende schijven van anciënniteit te voorzien van 25, 30, 35 en 40 jaar. Deze toeslag van 0,5%  per schijf van 5 jaar anciënniteit geldt voor alle duidelijkheid alleen op de gepubliceerde minimumlonen.

Verhoging syndicale premie Landbouw (PC 44)en Tuinbouw (PC145)

Er werd een akkoord bereikt ober de modaliteiten van de verhoging van de syndicale premie binnen de sectoren Landbouw (PC 144) en Tuinbouw (PC 145).

  • Voor de premies betaald in 2017: regularisatie t.b.v. €10 voor elke werknemer die in 2017 een syndicale premie ontving (ongeacht het bedrag van de ontvangen premie) – automatische betaling vanaf 19 november
  • Vanaf 2018: volledige syndicale premie zal €145 bedragen – betaling begin december.

 

Tijdelijke werkloosheid wegens uitbreken van de Afrikaanse varkenspest (AVP)

Het uitbreken van de Afrikaanse varkenspest (AVP) met onder andere als gevolg het opgelegde exportverbod, heeft een grote impact op de sector van het varkensvlees en de voedingsindustrie.

Varkensbedrijven, veevoerindustrie, vleesproducerende industrie (slachthuizen, versnijderijen), vleesverwerkende industrie, detailhandel, transportsector, enz. worden getroffen.

Voor de arbeiders kan, als gevolg van de daaruit voortvloeiende vermindering van werk, de werkgever tijdelijke werkloosheid op grond van werkgebrek wegens economische oorzaken aanvragen.

Meer info op de Werkloosheidsdiensten van het ABVV en bij de sociaal consulenten van Horval West-Vlaanderen.

 

Nieuwe OiRA voor de sector parken en tuinen.

De Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg en het Belgische Focal Point van het Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk hebben nieuwe OiRA risicoanalyse-instrumenten gelanceerd voor de sector parken en tuinen. Met deze online tools kan er in ondernemingen binnen de sector de risico’s inzake het welzijn op het werk beoordelen.

 

 

Gelegenheidswerk in de Tuinbouwsector: NIEUW: Green@work

In de land- en tuinbouwsector geldt een specifiek systeem van gelegenheidsarbeid. Het is erop gebaseerd dat de sociale bijdragen voor gelegenheidsarbeiders niet worden berekend op het werkelijke loon, maar op een forfaitair loon.

In de tuinbouwsector mogen gelegenheidsarbeiders bij meerdere werkgevers uit de sector samen, niet meer dan 65 dagen per jaar werken.  Opgelet er zijn twee uitzonderingen: witloofteelt en champignonteelt. In deze twee subsectoren mogen gelegenheidsarbeiders bovenop de 65 dagen nog 35 dagen extra werken, weliswaar niet als uitzendarbeid.

NIEUW! De dagen worden voortaan bijgehouden in een nieuwe onlinedienst Green@work.

 

 

 

Gewijzigde indexeringssysteem van de forfaitaire daglonen

De forfaitaire dag- en uurlonen van de gelegenheidswerknemers in de landbouw, de tuinbouw en in de horeca ( de gelegenheidswerknemers -extra’s genoemd- en werknemers op dienstpercentage) worden voortaan niet meer geïndexeerd zoals de vaste uur- en maandlonen van de sector.

Voortaan zullen de forfaitaire lonen de indexering van de GGMM (gewaarborgd gemiddeld minimum maandinkomen) volgen.

Omdat de kans bestaat dat de forfaitaire lonen achterop geraken ten opzichte van de sectorlonen zal de Minister om de 2 jaar de evolutie van de forfaitaire daglonen vergelijken met de evolutie van de sectorlonen en past indien nodig de forfaits aan bij ministerieel besluit. Dat lezen we in het Belgisch Staatsblad van 29 maart 2018.

Het zelfde Koninklijk besluit schrapt de proratisering van de dagforfaits voor deeltijdse werknemers met fooien.

IMG_4905